Je bent hier:Forums / 1983 / Reizen en uitstapjes. / Marokko - 5e lustrum
Marokko - 5e lustrum
Mannen, Marokko was GOED!
De fotos spreken voor zichzelf en natuurlijk het uitgebreide verhaal van Geert :-)
Reisverslag, 10-15 oktober 2008 - 25 jarig lustrum in het Atlas-gebergte
Dag 1, vrijdag: Marakesh en Dada-vallei
Aankomst
Het is 25 jaar geleden.
Ik land op de vernieuwde, moderne luchthaven van Marakesh om 8.30 in de morgen. Ik heb alleen handbagage bij me dus ik denk vlot te kunnen doorlopen, maar de baggage belt hal is vol met mannen en vrouwen in die typisch arabische lange witte gewaden en er is veel politie bij de uitgang. Even later leer ik dat het de moslims zijn die zijn teruggekeerd van hun pelgrimstocht naar Mekka, de ‘haj’. Ik realiseerde me dat ik echt in een ander land gearriveerd was.

Ik zie een nauwe doorgang naar de exit en vind mezelf even later in de ruime, open aankomst hal. Even later vind ik Frans en Pieter, dankzij de mobiele telefoon. Het is 25 jaar geleden in 1983, dat ik deze mannen ontmoette in een groots gebouw in Delft. Zwetend, stinkend en onzeker zittend op een houten bierkratje (nog voordat de kratjes van plastic werden gemaakt), deel van een groep van ongeveer 250 jongens en meisjes, die graag bij een besloten studenten societeit wilden horen en ontgroend werden. Wij vormden een groep welke later club 8 werd (van de 10 mannen clubs en twee vrouwen clubs). We startten met 21 man, maar drie man haakten af, Dennis Onneweer vrij snel en Pim en Kim binnen een jaar. Kim Ouwerkerk was de clubjongste en daarom president gemaakt. Toen Kim uit Delft vertok, want hij vond informatica toch niet zo leuk, hadden we een probleem. We waren presidentloos. Ik weet niet meer hoe het is gekomen, maar op een of andere manier viel mij de twijfelachtige eer toe. In de jaren daarna, ben ik echter niet de verwachte voortrekker gebleken. Ik meen me te herinneren dat het Simon, Peter en Frans waren die de meeste zaken regelden. Mijn (enige) goede presidents daad in ons 25 jaar bestaan is het initiatief te nemen om dit lustrum te organiseren samen met Frans en Ronald.
Van de 18 man tellende club 8, waren er maar liefst 11 die zich konden los trekken van famile, werk en andere nijpende omstandigheden. Bravo. Elf man die elkaar als teenagers ontmoetten en nu elkaar als midden veertigers weer zagen !
Pieter en Frans waren 25 jaar ouder en dat uitte zich bij Frans in een wat meer uitdijende gestalte en bij Pieter slechts in een wat hogere haarlijn. Ongelofelijk dat de tijd hun zo goed behandelt heeft. Ik was erg opgetogen om hen wee rte zien. Eenmegenling van nieuwsigierigheid, jeugdig enthousiasme en vertrouwdheid. Frans had ik al een maand eerder gezien, omdat Frans, Ronald en ik als lustrum commssie hadden bedacht dat Frans en ik een scouting trip zouden make nom een groep van 12 middenveertigers zo goed mogelijk door dit land te loodsen. Het is namelijk club 8 eigen met 18 man ook 18 verschilende ideeen erop na te houden en moelijk in staat snel tot een eenduidige beslissing te komen met als gevolg dat de greop uit elkaar valt, iedereen chagarijnig wordt en het allemaal iets minder gezellig wordt. Anyway, Frans en Pieter brachten me naar Riad Eduardo in de Medina van Marakesh.
Riad Eduardo in Marakesh
In dit Riad hotel trof ik Maarten, Alec, Ronald en Dirk op het dakterras. Het was zo goed om hen te zien na 20 jaar. We waren als club eigenlijk 3- 4 jaar vrij intensief met elkaar omgegaan en ik had de meesten dus zo’n 20 jaar niet gezien. We troffen elkaar minimal 2-3 keer per week om samen te borrelen en te eten op de societeit, en we gingen op club weekends, ski-vakanties, gala’s en allerlei societeitsaktiviteiten. Het was fantastisch goed georganiseerd door studenten voor studenten. Anyway, marten him cool self, met zonnebril en al. Hij woont al geruime tijd in Zwitserland met Franse vrouw Helene en kinderen. Golden Tulip hotels had hem daar gebracht. Alec arriveerde op het wat frisse dakterras in de ochtendzon. Onveranderd. Uitgerust met harmonizer en EnergieRegie business cards. Aktief in Amsterdam met zoontje met lang haar van gescheiden vrouw in Oostenrijk. Toen kwam Dirk in zomer klren erbij. Voor hem is de wostijn gesneden koek. Hij woont in Dubai met vrouw en twee blonde dochters, alwaar hij voor Tebodin, gebouwen neerzet en managed. Toen kwam Ronald en het wass hem aan te zien dat hij net uit bed kwam, desalniettemin in streepjes hemd en Bommels. Hij leek nog steeds hetzelfde als 20 jaar geleden: een nette corps student, die van het leven geniet en het neemt zoals het komt. Ik had ook Taco, Frank en Roland verwacht, maar ik was verteld dat Taco en Frank het vliegtuig hadden gemist en dat Roland, die voor zijn eigen rekening handelt op de Amsterdamse beurs, zijn (aanzeienlijke) positie in Fortis aandelen niet kon managen, omdat de handel in dat aandeel was stil gelegd, nadat het nederlandse Fortis deel genationaliseerd was en het Frans-Belgische Fortis deel eerst door belgie en Luxeburg genationaliseerd was en daarna verkocth aan BNP Paribas in ruil voor een 11% aandeelhouders stake. (Tussen nationalisatie zat wel een miljardje plus voor de Belgen, terwijl meneer Bos niet in staat was Abn Amro door te verkopen aan ING). Anyways, Roland was er niet. Gelukkig hadden Taco en Frank het hoofd koel gehouden als ook hun prioriteiten goed. Ze hadden beiden een business class ticket geboekt en zouden diezelfde dag nog samen met Riccardo en Marius rondom twaalf uur landen. Bravo Taco en Frank. Ze zaten zelfs alle vier in hetzelfde vliegtuig uit Madrid! Met enkele uren hadden we elf man van club 8 in de Atlas rondlopen. We hadden twee mini busjes/ vans gehuurd. Iedereen stapte een uurtje later het eerste busje in, terwijl Frans achterbleef en de overige vier club leden zou ophalen van het vliegveld even na twaalven. Dus we zouden Marakesh verlaten om er vier dagen later terug te keren. Marakesh zelf is een relatief grote stad en de naam Marokko schijnt van de naam van deze stad te komen. Het oudste deel is nog steeds ommuurd en heet de Medina, maar de stad groeit snel het nieuwe gedeelte bredit zich snel uit , ook dankzij het snel gegroeide toerisme. Men denkt weld at dit het nieuwe Marbella is.
Over de bergpas en door de Dada-vallei
Ik zat met Pieter, Alec, Ronald, Maarten en Dirk in het eesrte wat grotere busje en waren rondom 10.30 vertrokken richting Ouarzazate, dat in een vallei tussen twee Atlas hooggebergte uitlopers lag en de ‘gateway’ tot de woestijn vormde. De eerste nacht zouden we verblijven in een hotel/ raid langs de weg in Skourra, dat in de valley of the Roses lag. Dit was de stop voor ons einddoel, wat Merzouga was, dat in de woestijn lag en waar zich 250 meter zanduinen gevormd hadden. Het plan was hier een nacht te (luxe) kamperen.
De weg was vlak gedurende het eerste uur, maar daarna dienden de haarspeld bochten zich aan. Het hhogste punt en daarmee dus de bergpas was Tischka, dat op 2260 meter ligt zolas een bordje dat aangaf. Misschien was het alle emotie, de haarspeld bochten en het andere klimaat, maar de meeste inzittenden voelden zich niet bepaald optimaal. Na een versterkende lunch voor ieenieder behalve een, daalden we af (nog steeds via haarspeld bochten) naar Ouarzazate. Op dit stuk van de weg stonden verscheidene grote film sets die gebouwd waren voor vele bekende films. Dit heeft, denk ik, Marakesh op de kaart gezet voor het grote publiek en is de aanjager van het toerisme geweest. De moderne koning Hassan II zou dit ook zeer gestimuleerd hebben. Voorbij Ouarzazate kwamen we in de Dada-vallei. Deze vallei ligt op een weids rotsachtig en zanderig, dor plateau. In de verte konden we aan beide kanten de rijzende bergen zien. Door deze Dada-vallei stroomt de Dada-rivier en dit is dus de levensader van dit deel van de Atlas. Alle dorpen, stadjes lagen dan ook aan de weg die langs deze rivier liep. Vijgen bomen, olijf bomen en uiteraard dadel bomen waren de voornaamste vruchtenbomen en bron van leven. Op een rustplekje aan de kant van de weg op een heuvel, had je een fantastisch uitzicht op deze vallei. In de wijde dorre vlakte , kronkelde zich een groen lint van bomen en andere groene gewassen op kleine akkertjes. Daarnaast aan de randen van dit groene, brede lint, waren huizen opgetrokken. Velen ‘huizen’ hadden dezelfde kleur als de bruine kleur van de rotsen en zand, opgetrokken uit klei en leem. De wat modernere betonnen huizen waren een lichtere kleur bruin/ oker geel geverfd, maar ook die huizen vielen nauwelijks op, gecamoufleerd als ze leken. Tegen een uurtje of vijf kwamen aan in ons hotel.
Hotel Kaissar
Dit is een groots opgezet hotel, en zag er geheel verlaten uit toen we aankwamen. We waren het enige voertuig in de parkeerplaats en de man achter de receptie ag eruit alsof wij de eerste mensen die hij in dagen zag. De fax die Pieter had gestuurd was spoorloos en er was verwarring over de afgesproken prijs. Het grote zwembad was leeg, terwijl ze ons over de telefoon hadden verzekerd dat het gevuld zou zijn. We checkten in onze kamers die prima waren. We betaalden eur 30 per persoon voor kamer, diner en ontbijt, wat een geode prijs was voor hetgeen we kregen. Toen was het tijd voor het lang verwachte biertje en de weg naar de grand bar werd gewezen. Nu kwam er echter wat leven in de brouwerij. Van liks en rechts togen er opeens mannen en vrouwen naar dezelfde zaal met bar. En geheel onverwacht werden we vergast op tradiotionele marokaanse muziek en dans. Vier man, speelden een sort gitaar en drie trammels, een vrouw in tradionele kledij zong en drie deernes dansten en wisten Dirk te verleiden om dansje te wagen. We hadden een potje bier en eentje een cola en lieten de avond over on sheen vallen na de belevenissen van de dag. Na een klein uurtje hadden we voldoende trek gekregen en togen naar het restaurant onder de intussen donker geworden lucht. Het tweede busje liet nog op zich wachten. Een derde en vierde potje bier kwam door en we zakten lekker weg in de kussens en de nacht voelde goed. Zolas vanouds, om tafel met zes kerels die je al heel lang ketn en waar je vroeger ook vele biertjes mee gedronken had.
Een uurtje later, kwan eindelijke de tweede groep aan. Het was een zeer uitgelaten weerzien met Frank, Marius, Taco en Riccardo, zeker nadat ze ons eerst afzeken dat we niet op hen gewacht hadden. Frans was denk ik ook blij dat we de hele groep nu bij elkaar hadden en keek tevreden het gezelschap rond nadat hij zich op een stoe had laen zakken. Hij had zijn biertje meer dan verdiend. Om een uurtje of 11 zocht ik, moe, maar voldaan mijn mandje op, want morgen zouden we om 9 uur vetrekken naar Merzouga.
Dag 2, zaterdag: Merzouga
Iedereen was op tijd op om te genieten van het omeletje, pannekoekje en marmelade ontbijt en de the sans sucre en iets mindere koffie weg en elkaars gezelschap. We praatten weer honderd uit. En wonder boven wonder, we verlieten het hotel om negen uur en draaiden de grote weg weer op, op weg naar Merzouga. De rit zou zo’n 3-4 uur duren en we hadden een paar uur voor uitstapjes, omdat we daar om ongeveer 4 uur in de namiddag wilden aankomen. We hadden daar namelijk nog een uur op een dromedaris voer de boeg en wilden de zonsondergang in de zandduinen meemaken en de zon zou om ongeveer 6 uur gaan ‘slapen’ zoals onze Berberse chauffeur dat noemde. In dit busje zaten Frans, Frank, Marius en Riccardo. Taco was naar het andere wat grotere busje gegaan. De chauffer was Houssein. Hij was de man, die een maand geleden Frans en mij in twee dagen 800 km had gereden, terwijl het Ramadan was. Het was goed om weer met Frans en Hoessein in hetzelfde busje door de woestijn te rijden.
Tinerhir en de tapijten verkoper
Na 1 a 2 uur rijden, kwamen we aan in Tinerhir. Frans en ik hadden aangegeven dat we weer de wandeling door het oude dorp en een bezoek aan de tapijten hal van de Berber ‘Association’ wilden doen. Hij had zijn maatjes gebeld en toen we op de parkeerplaats aankwamen, stond de gids al op ons te wachten. We liepen door de nauwe, steeds minder schone straatjes met winkeltjes en kwamen aan bij een huis, waar we onze schoenen moesten uitdoen en we op de fameuze thee sans sucre werden vergast. We zaten op tapijten op de grond en de muren van het hele vertrek waren behangen met met zeer kleurrijke tapijten. Dezelfde vrouw van een maand geleden demonstrrerde het spinnen van wol en het met hand weven van een tapijt. Elk handgeweven tapijt is uniek en geen enkele is hetzelfde. Na de thee gingen we een met weer met tapijten beklede trap op naar de ‘showroom’. Ze lieten ons een hele serie tapijten zien en vgaven tekst en uitleg. Sommigen waren van kamelenhaar, waar zelfs een scherp mes geen krasje op liet zien, sommigen waren van kaktus zijde en anderen van wol. Alle bebruikte klueren waren natuurlijk, met indigo voor blauw, alfalafel en kaktus voor donker- en licht groen etc. Het was ‘kijken, kijken en niet kopen’. Gelukkig hadden Frans en ik een maand geleden al een tapijt gekocht en gave we dit keer een aardige ‘donatie’ voor de ‘associatie’. De mannen vonden dit achteraf toch wel heel leuk. Want toen we de busjes verlieten hadden we een kleine opstand, omdat niet iedereen het ermee eens was dat we wat tapijten gingen bekijken.
Anyways. Terug naar de busjes en weer de grote weg op. We redden enkele uren langs rivier en het dorre landschap, dat toch steeds veranderde. Het is een zeer mooie weg om te rijden. Toen een lekkere verfrissende late lunch in een hotel/ Kasbah iets voorbij Erfoud en we hadden nog ongeveer 45 minuten voor de boeg, voordat we bij Hotel Palais des Dunes zouden aankomen.
Palais des Dunes en de bivak
We waren op schema en kwamen inderdaad zoals gepland om 4 uur aan in het Palais de Dunes. Het paleis bestond een een lemen omheining met een ‘voortuin ‘ voor de dromedarissen en parkerplaats. We werden onthaald op de gebruikelijke mint thee en hadden een uurtje om van de autorit bij te komen en ons klaar te maken voor het bivak. Gelukkig had het ‘paleis’ een zwembad waarvan door de meesten dankbaar gebruik gemaakt werd. Pieter onderhandelde met de locale Touareg, een Berber stam over de aanschaf van 11 blauwe hoofd doeken en even later zag iedereen er als Ali Baba en z’n mannen uit en trokken we in een dromedaries karavaan door het licht rode, zachte zand van de Sahara. Ik was de hekkesluiter en had dus een fantastich bewegend panorama op deze doorgewinterde woestijn mannen. Vier jonge jongens begeleiden ons en het deed me denken aan de klassieke film ‘ Lawrence of Arabia’. Dat doorgwinterde smolt tamelijk snel, omdat we na niet al te lange tijd ons best deden niet te laten merken dat we zadelpijn hadden. Handhaven. De zadelpijn was echter snel vergeten, toen we in osn tentenkamp arriveerden. Het was opgezet in een U-vorm met zelfs tapijten in het midden. Aan een kant een vijftal lage tenten, waar we op matrasjes met schone lakens, dekens en kussen konden slapen. De top-tent was de ‘keuken’ en hier sliepen de begeleiders/ gidsen. En de andere poot van de U-vorm was een lange tent met tafels, matrassen en kussens en diende als eetzaal voor het avond maal. Blikjes in een emmer met ijsblokjes en iets verder opgestapeld hout stonden klaar. Het vuur werd ontstoken, de blikjes bier en een cola gingen open, de gidsen trommelden en zongen woestijn leideren en daar zaten we in een kring op het tapijt onder de sterren en een volle maan in de Sahara. Het was ‘proost’ en ‘goede morgen’. BRAVO. Elf man die elkaar als teenagers, 25 jaar geleden, hadden leren kennen en nu als rijpe midden veertigers een potje bier dronken onder gelach, enthousiast gepraat en speeches, alsof we weer de hoek veroverd hadden. Na een uurtje en twee biertjes verder, want de bier voorraad bestond uit twee blikjes de man, gingen we aan tafel voor de salade en de tajine. Het was eigenlijk wel goed dat de bier voorraad zo klein was, zodat iedereen op tijd kon opstaan voor de zonsopgang.
Dag 3, zondag: Zonsopgang in de woestijn, de Todra Gorge voor zonsondergang
Om zes uur maandag ochtend zaten negen man op een rijtje op de top van een zandduin, eentje zat op een andere zandduin om het allemaal in alle rust in zich op te nemen en eentje sliep nog. Langzaam aan werd het steeds lichter en zagen we het zand licht rood kleuren, zagen we elkaar beter alsook de horizon. Het was helaas vrij bewolkt en zagen de zon dus niet al seen rode vuurbal opgaan en daaom was de zonsopgang niet zo spectaculair als we gehoopt hadden. Desalniettemin was het nog steeds heel bijzonder om daar het krieken van de dag met de mannen mee te maken.
Een uur later en een groepsfoto verder, zatn we weer in het fijne zadel op weg naar Palais des Dunes. Iedereen was weer zeer opgelucht (zonder dat te laten merken) dat even later weer met beide benen op de grond stonden en naar een heerlijk ontbijtje keken. We fristen ons op en waren klaar vertrek naar de Todra Gorge en toen, ik was stom verbaasd, begon het te regenen. Ga je vanuit het natte Nederland helemaal naar de woestijn en dan begint het te regenen. Ik neem dit als een bijzonder goed voorteken voor de tweede 25 jaar van de clubleden. Regen is immers, zeker in de woestijn, het symbol van leven en vruchtbaarheid. Fantastisch. Het doet me denken aan de Phoenix die uit z‘n as herrijst en een nieuw leven begint.
Een mausoleum en een fossielen fabriek
Hop. Allemaal de twee busjes in met de ruitenwissers aan over de weg die hier en daar blank staat, langs akkertjes, waar de irrigatie kanalen oz’n beetje uit hun voegen barsten vanwege het vele overtollige water. De mensen en het land zijn hier totaal niet ingesteld op regen.
We legden een bezoek af aan het mausoleum van de grootvader van de huidige koning Hassan II, die uit de bloedlijn van Mohammed, de profeet gekomen zou zijn. Waar of niet waar. Het werkt blijkbaar. Daarna door een Kasbah voor arme weduwen, de souvenir shop en weer terug de weg op. Via een ‘fossielen fabriek’, richting de Todra Gorge. De fossielen fabriek was echter wel aardig. Ze vinden hebben allerlei steenblokken die ze in plakken zagen en je ziet dan de fossielen. Vervolgens bewerken ze deze ‘plakken’ en maken er allereli kunt vorowerpen van of tafelbladen, goot stenen etc. Het verhaal is dat deze fossielen vele miljoenen jaren oud zijn en in water geleefd zouden hebben. Met andere woorden, dit plateau in het Atlas gebergte op ongeveer 750 meter hoog zou ofwel een open verbinding met de zee gehad hebben ofwel er is hier groot meer geweest. In de steenzagerij en steenhouwerij is het hard werken in primitieve omstandigheden, maar ze doen iets anders dan schapen/ geiten en kamelen hoeden of tapijten verkopen. In de tussentijd had Frans wat averij opgelopen. ‘Pijn boven in de maag’ en hij had nagenoeg niet kunnen slapen. Na de fossielen fabriek hebben we nog een korte lunch langs de weg en we parkeren de busjes rondom 4 uur bij het hotel in de Todra Gorge.
De Todra Gorge
We checken in en gaan met de busjes zover mogelijk de gorge in. Wat was namelijk het geval. Een stuk brug en weg was letterlijk in het water gevallen en hier en daar lagen grote rots blokken in de rivier bedding, die omstreeks deze tijd van het jaar weinig water vervoerde. Waarschijnlijk waren de rotsblokken omlaag komen zeilen in juli 2008, omdat deze datum op een groot rotsblok geschreven was. De Gorge wordt heel nauw en ik schat op z’n smalste punt zo wijd als de weg en de rivier bedding, en dat zal zo’n 30 meter zijn. De rotswanden gaan bijna kaarsrecht omhoog. Heel indrukwekkend en een fantastiche wandeling. Terug in het hotel, nadat Frans en Pieter eerst wat bier, wijn en deserts gehaald hadden, lekker gegeten, gekeuveld (‘gekeuteld’ volgens sommigen) en gedronken. Redelijk voreg naar bed om de volgende dag op tijd op te staan voor de wat langere rit terug naar Marakesh.
Dag 4, maandag: De terug rit over de bergen
De volgende ochtend is Frans er echter slechter aan toe en we beginnen ons toch een beetje zorgen te maken. Frans belt met alarm centrale van Zilveren Kruis, we kopen medicijnen en wachten totdat zij terugbellen met een geaccepteerde dokter in Marakesh, zodat Frans zo snel mogelijk terug naar Nederland kan. Terwijl we op de weg er goede vaart in houden, stapt Hoessein plotseling op de rem, rent het busje uit met een fles water , de weg over en verdwijnt uit zicht. We denken allemaaal dat hij hoog nodig moest. Hij komt terug en zegt dat de keuken in het hotel in de Gorge geen geode was … We bezoeken nog een UN World Heritage site beroemde Kasbah vlakbij de grote weg en dan gaat het eerste busje met Frans, Pieter, Marius en ik zo snel mogelijk naar Marakesh. De mannen in het tweede busje gaan nog een mooie bergwandeling maken. Naar ik later begreep waren er avonturen met herderinnetjes, waar ik helaas het fijne niet van weet. We delen ons brrod en olijven met Hoessein. Ik denk achteraf dat ik mijnolijven die we uit dezelfde halve plastic fles haalden, mij niet echt gehoplen hebben, want dezelfde avond en nacht had ik wat buikkrampen en diarree. Ik was nog door Marius geewaarschuwd, dat de fles water die hij meenam in zijn spurt het alternatief is voor toilet papier. Misschien kwam ik ook door uit sympathie met Frans. Anyways. We reden naar het vliegveld, maar helaas was er voor Frans die avond geen vlucht naar Nederland/ Dusseldorf, vliegveld Weese. Toen dan maar naar Riad Etoile du Sud gegaan.
Riad Etoile du Sud en de buikdanseres
Aangekomen in ons riad, Frans in bed. Pieter, Marius en ik de stad in en we babbelden over van alles en nog wat onder het genot van een paar biertjes op een heel mooi dakterras, niet ver van het door Frans gereserveerde restaurant. We gingen zitten rondom 6 uur en de rest van de groep, helaas minus Frans, arriveerde om 8.30 uur voor het restaurant. Dit was het laatste avondmaal en we waren dus met ons tienen. We hadden enekele biertjes in de sfeervolle bar op de begane grond, met live muziek en verlicht door die typische Marokkaanse lantaarns. Het dakterras was helaas dicht, maar Pieter zorgde ervoor door met de ‘patron’ te praten dat het dakterras toch open ging en om 9.30 uur zaten we om tafel en kwamen de buidanseressen door. Een zeer mooie vrouw toonde haar talenten en andere attributen staande op de bank tussen Taco en Pieter in. Een andere blonde schoonheid op tafel en daarna een andere exotische godin op een stoel aan de eettafel. Resultaat: 10 open monden, nerveus gelach, veel ‘bravo’ en handgeklap onder begeleiding van bedwelmende muzikale ritmes. Nadat er een cash donatie aan een van de beweeglijke dames gegeven was, heerlijk gegeten en gedronken en om 12 uur enkelen naar de Riad en de anderen op avontuur in nachtelijk Marakesh.
Dag 5, dinsdag: Het vliegveld en de Hamam
Vertrek
Dindagochtend. Frans voelde zich gelukkig wat beter. Ik denk dat de verhalen over de danseressen het beste medicijn waren … Gezellig met z’n allen in de ochtend zon op het dakterras. Dirk vertrok als eerste. Voor hem terug naar Dubai. Om 10.30 uur werd de Madrid groep (4 man) door Hoessein naar het vliegveld gebracht. Dan om 14.30 uur de Dusseldorf groep (ook 4 man) en Maarten en ik bleven nog een dag in het riad. Een potje schaak, wat ik verloor, een bijzondere Hamam ervaring en een mager diner op het centrale plein en dan de volgende dag was het mijn beurt om de terugreis te aanvaarden. Maarten zou in de middag weer op huis aan gaan.
Tot slot:
30 oktober, diner bij Chez Boas in Deventer en hopelijk zien we dan de clubgenoten Eric, Peter, Simon, Folkert, Lourens en Jaap, die er niet bijwaren zodat we toch met z’n allen ons 25 jarige bestaan vieren en daarbij stil staan. Als de 30ste niet voor iedereen lukt, is er natuurlijk de officiele Dies op de derde dinsdag van November, 2008, onze 25ste Dies. Van teenager in 1983 naar middenveertiger in 2008. Van Phoenix naar Atlas, de nieuwe ‘Bibliotheek, en de 25ste Dies, opnieuw verjongd.






